BelgiuminSpace RSS
BelgiuminSpace op YouTube
BelgiuminSpace op Twitter
Spacepage/BelgiuminSpace op Facebook
Advertentie

PROBA-2Op 7 juni 2011 rond 08u41 Belgische tijd vond op het oppervlak van de zon een reusachtige uitbarsting plaats. Deze zogenaamde 'M2.5' zonnevlam veroorzaakte een krachtige 'coronal mass ejection' (CME) die energetische geladen deeltjes met hoge snelheid de ruimte inblies. De energie die op dat moment vrijkwam is te vergelijken met die energie die vrijkomt bij miljarden waterstofbommen. Een groot deel van de uitgestoten deeltjes viel terug op de zon en bestreek bijna de helft van het zonne-oppervlak. Het overige deel van de uitgestoten deeltjes, die een zogenaamde 'zonnestorm' veroorzaken, werden de ruimte ingeslingerd maar zorgden op Aarde of voor satellieten in de ruimte voor geen problemen. Deze enorme uitbarsting werd ondermeer door het Amerikaanse Solar Dynamics Observatory (SDO) prachtig in beeld gebracht maar ook door de in België gebouwde Proba-2 ESA-satelliet. Proba-2 is momenteel het kleinste zonne-observatorium in de ruimte en werd in november 2009 in een baan om de Aarde gebracht. De twee instrumenten die Proba-2 aan boord heeft om de zon te observeren (SWAP en LYRA) worden uitgebaat door de Koninklijke Sterrenwacht van België (KSB). Deze instrumenten werden ontwikkeld om foto's te nemen van de corona van de zon in het ultraviolette deel van het elektromagnetisch spectrum en om meer te leren over zonnefysica. De hoofdopdracht van Proba-2 is om nieuwe technologiën uit te testen in de ruimte. Het project maakt deel uit van ESA's Project for Onboard Autonomy programma.

Gepubliceerd in Belgische satellieten

TitanOnderzoekers van de Koninklijke Sterrenwacht van België (KSB) zijn tot een opmerkelijke conclusie gekomen in verband met de Saturnusmaan Titan. Volgens de onderzoekers zijn er aanwijzingen dat deze maan een enorme oceaan verbergt onder de betrekkelijk dunne korst. Indien dit klopt, zou dit de variaties in de bewegingen van Titan verklaren alsook de vraag beantwoorden waar al dat methaan in de atmosfeer van deze maan vandaan komt. Aangezien methaan onder invloed van zonnestraling wordt afgebroken, moet Titan dus een flinke voorraad bezitten van methaan. De wetenschappers van de Koninklijke Sterrenwacht van België baseren hun theorie op waarnemingen en metingen gemaakt door de Cassini ruimtesonde die zich al sinds 2004 in een baan rond deze planeet beweegt. Cassini's onderzoek leidde eerder al tot de ontdekking van een atmosfeer rond Titan met een grotere dichtheid dan de atmosfeer van de Aarde. Daarnaast ontdekte de ruimtesonde ook rivieren en meren van methaan op het ijskoude Titanoppervlak en bleek de maan een kringloop van methaan in stand te houden. Titan is de tweede grootste maan in ons zonnestelsel en heeft een diameter van 5 150 kilometer (groter dan de planeet Mercurius). De maan werd in 1655 door Christiaan Huygens ontdekt en in januari 2005 landde een Europese sonde voor het eerst op het oppervlak van Titan. De zwaartekracht op Titan is ongeveer één zevende van de Aardse zwaartekracht. Het oppervlak van deze maan wordt gekenmerkt door bergketens, meren, grote vlakten, donkere duingebieden en vulkanen.

De Europese Commissie organiseert tussen 10 april en 31 mei 2011 een tekenwedstrijd voor Belgische kinderen. De winnaar of winnares mag zijn of haar naam geven aan een satelliet van het Galileo-programma, die gelanceerd zal worden in de ruimte. Deze boeiende nieuwe tekenwedstrijd is een initiatief van de Europese Commissie. Alle Belgische kinderen van negen tot elf kunnen aan de wedstrijd deelnemen. Om deel te nemen moet elk kind een kunstwerkje maken over het thema 'Ruimte en ruimtevaart'. Enkele voorbeelden zijn een tekening van de aarde met andere planeten en satellieten of de lancering van de raketten met de Galileo-satellieten. De kinderen mogen hun verbeelding de vrije loop laten en zelf het materiaal en de technieken kiezen om hun werkje te schilderen, te tekenen of te kleuren. Daarna moeten de werkjes ingescand of gefotografeerd worden, om ze te kunnen uploaden naar de website. De winnaars of winnaressen worden geselecteerd door nationale jury’s die bestaan uit astronauten en andere bekende personen. In België zal deze jury ondermeer bestaan uit Minister voor Wetenschapsbeleid Sabine Laruelle en voormalig astronaut Dirk Frimout. In haar beleid hecht Minister Laruelle veel belang aan de projecten van het Europees Ruimteagentschap. Burggraaf Dirk Frimout is van in het prille begin een voorstander van het Galileo-programma: “Galileo ligt mij zeer nauw aan het hart. Al van bij het prille begin ben ik een vurige voorstander van dit Europese satelliet navigatiesysteem. Ik heb de eerste besprekingen van dit project in de bevoegde Senaatscommissie in 2002 van nabij gevolgd. Galileo is een essentiële technologische stap vooruit voor Europa. Persoonlijk ben ik gefascineerd door de enorme vooruitgang die zo’n navigatiesysteem met zich meebrengt. Ik sta nog steeds versteld van het technologisch vernuft dat die navigatie en lokalisatie tot op de meter precies mogelijk maakt. GPS en satellietnavigatie zijn in enkele jaren tijd dan ook volledig ingeburgerd geraakt in de leefwereld van zoveel mensen en velen zouden ondertussen zelf moeilijk zonder kunnen.” De winnaar of winnares wordt bekendgemaakt tijdens een officiële prijsuitreiking en ontvangt een certificaat, plus een trofee die de satelliet voorstelt die zijn of haar naam krijgt. De wedstrijd loopt in België van 10 april tot 31 mei 2011. De winnaar of winnares wordt bekendgemaakt op 29 juni. Het inschrijvingsformulier en de volledige wedstrijdvoorwaarden zijn vanaf 10 april 2011 beschikbaar op de website www.galileocontest.eu.

Gepubliceerd in Evenementen

Meteosat Third GenerationBelgië heeft als laatste van de 26 lidstaten van de Europese organisatie voor de exploitatie van weersatellieten (Eumetsat) het Meteosat Third Generation programma goedgekeurd. De uiteindelijke goedkeuring van alle lidstaten is voor Eumetsat en zijn partner ESA, die alle wetenschappelijke instrumenten aan boord van deze satellieten ontwikkelt en bouwt, van zeer groot belang. Dankzij het Meteosat Third Generation programma is de verdere waarneming van het weer en het klimaat boven Europa, Afrika en de Atlantische Oceaan voor de volgende decennia verzekerd. Ondanks de moeilijke financiële toestand in Europa beslisten de 26 Eumetsat-lidstaten toch om te investeren in een nieuwe generatie weersatellieten. Het Meteosat Third Generation programma bestaat uit zes nieuwe satellieten die in 2018 de huidige Meteosat Second Generation (MSG) kunstmanen moeten vervangen. De nieuwe Meteosat satellieten zullen nog geavanceerder zijn dan hun voorgangers en moeten een langere levensduur hebben. Met deze nieuwe generatie weersatellieten wil men ondermeer de atmosfeer van laag tot laag analyseren en wil men betere opnamen van het weer maken. Uiteindelijk moet het met deze nieuwe satellieten ook mogelijk zijn om inwoners sneller te waarschuwen bij zwaar onweer of zware regenval. Een nieuw instrument voor bliksemdetectie moet eindelijk ook leiden tot een betere veiligheid in de luchtvaart. Het Meteosat Third Generation programma heeft een prijskaartje van ongeveer 2,4 miljard euro. Het Belgisch Koninklijk Meteorologisch Instituut (KMI) participeerde als vertegenwoordiger in 2010 voor 2,6% in Eumetsat. Voor die deelname krijgt ons land heel wat cruciale meteorologische informatie terug.

Gepubliceerd in België en ruimtevaart
donderdag, 24 februari 2011 14:42

België mee aan boord van Johannes Kepler

ATVNu de tweede Europese Automated Transfer Vehicle (ATV) zich aan het internationaal ruimtestation ISS vastgehecht heeft, kan de ISS-bemanning beginnen met het uitladen van het onbemande bevoorradingstuig. De meer dan 20 ton zware ATV, die de bijnaam Johannes Kepler kreeg, brengt 102 kilogram zuurstof, 1,7 ton aan bevoorrading en 860 kilogram aan brandstof voor het Russische segment naar het ruimtestation. Daarnaast bevindt er zich aan boord van deze tweede ATV ook 4 ton aan brandstof waarmee men het ISS in een hogere baan om de Aarde wil brengen. Aangezien het ISS op een hoogte van ongeveer 400 kilometer nog weerstand ondervind van de bovenste lagen van de atmosfeer verliest het ruimtestation dagelijks verscheidene meters hoogte. Net als bij de eerste ATV, die in 2008 gelanceerd werd, speelt ook ditmaal de Belgische industrie een belangrijke rol in de tweede ATV-missie. Zowel bij de ontwikkeling, het testen alsook bij de operationele aspecten is België bij deze tweede ATV-missie nauw betrokken. De tweede ATV werd op 16 februari in de ruimte gebracht door een Ariane 5 raket waarna het onbemande ruimtetuig zich op 24 februari automatisch vasthechtte aan het ruimtestation.

maandag, 22 november 2010 20:43

ESA verlengd elf ruimtemissies

Proba-2De Science Programme Committee (SPC) van het Europese ruimtevaartagentschap ESA heeft tijdens een tweedaagse meeting op 18 en 19 november in Parijs beslist dat elf Europese ruimtemissies verlengd worden. Hierdoor is het voortbestaan van het wetenschappelijk onderzoek van het zonnestelsel al tot 2014 verzekerd. Twee jaar geleden werd door ESA besloten om elke twee jaar alle ruimteprojecten, die naar het einde gaan van hun geplande levensduur, uitgebreid te evalueren. Tijdens deze evaluatie werden de ESA-missies Cluster, Integral, Planck, Mars Express, Venus Express, XMM-Newton en de in België gebouwde Proba-2 satelliet tegen de lamp gehouden. Daarnaast werden ook internationale missies zoals de Cassini-Huygens Saturnusverkenner, de Hubble ruimtetelescoop en de SOHO en Hinode zonneobservatoria geëvalueert. Door de Proba-2, SOHO en Hinode missies met twee jaar te verlengen is dit een garantie voor wetenschappers dat onze ster ook de volgende jaren nauwkeurig zal bestudeert worden tijdens de aanloop naar de het komende activiteitsmaximum. Daarnaast zullen ook de vier Cluster satellieten de gevolgen van de toename van de zonneactiviteit op de magnetosfeer van de Aarde onderzoeken. Voor Belgische onderzoekers is dit eveneens goed nieuws aangezien België betrokken is bij verschillende ESA-ruimtemissies zoals Mars Express, Venus Express en Proba-2.

Gepubliceerd in België en ruimtevaart

Herschel ruimtetelescoopEen team onderzoekers van het Instituut voor Sterrenkunde van de K.U.Leuven hebben met behulp van ESA's Herschel ruimtetelescoop waterdamp en koolstof ontdekt in een oude ster. Deze spectaculaire ontdekking verscheen op donderdag 2 september in het wetenschappelijk tijdschrift Nature. De wetenschappers hebben tot ieders verbazing in de atmosfeer van de ster CW Leonis grote hoeveelheden waterdamp ontdekt. De koolstofster CW Leonis bevindt zich op een afstand van 500 lichtjaren van de Aarde in het sterrenbeeld Leeuw en is een zogenaamde 'rode reus' (oude ster). Normaal wordt koolstof en waterdamp in grote hoeveelheden gevormd bij sterren als onze zon die hun atmosfeer afstoten eenmaal ze aan het einde van hun leven komen. Wetenschappers gingen er altijd vanuit dat de vorming van waterdamp in een ster als CW Leonis niet mogelijk was aangezien men in het verleden enkel watermoleculen of koolstofmoleculen had ontdekt bij rode reuzen. Rondom de ster bevinden zich grote hoeveelheden stofdeeltjes die bijna al het zichtbare licht absorberen. Toch zijn bepaalde gebieden rondom de ster bijna 'leeg' waardoor ultraviolet licht tot in de diepste lagen van de atmosfeer van de ster kan doordringen. Dit ultraviolet licht kan in de steratmosfeer chemische reacties in werking zetten waardoor er water kan geproduceert worden.

PicardVanop de Russische lanceerbasis Dombarovsky is op dinsdag 15 juni met succes een Dnepr raket gelanceerd met aan boord twee Zweedse experimentele kunstmanen en een Frans zonne-observatorium. De 34 meter lange Dnepr draagraket vertrok om 16u42 Belgische tijd vanuit een ondergrondse silo waarna vijftien minuten later probleemloos de kleine kunstmanen uitgezet werden in een lage baan om onze planeet. De twee Zweedse satellieten maken deel uit van het Prisma programma en moeten de technologie achter formatievliegen demonstreren in de ruimte. De derde kunstmaan die uitgezet werd, is het Franse Picard observatorum dat onder het Myriade-programma valt van het Franse ruimtevaartagentschap Centre National d’Études Spatiales (CNES). Voor België is Picard van zeer groot belang aangezien deze 150 kilogram zware microsatelliet uitgerust werd met een Belgische instrument. Daarnaast doet het B.USOC, gelegen in de gebouwen van het Belgisch Instituut voor Ruimte-Aëronomie (BIRA) te Brussel, dienst als wetenschappelijk missiecentrum voor de Picard satelliet.

Gepubliceerd in Belgische satellieten
maandag, 10 mei 2010 00:55

PROBA 2 beelden

PROBA 2De in België gebouwde PROBA 2 satelliet werd in november 2009 met succes in de ruimte gebracht door een Russische Rockot draagraket. Naast tal van technologische experimentele nieuwigheden werd deze 130 kilogram zware microsatelliet ook uitgerust met twee wetenschappelijke instrumenten die de zon observeren. Zowel het SWAP alsook het LYRA instrument werden ontwikkeld door de Koninklijke Sterrenwacht van België. Het SWAP instrument is niet veel groter dan een schoendoos en maakt beelden van de atmosfeer van de zon. Deze buitenste zonnelaag is voor de mens onzichtbaar omdat deze vooral in het UV e EUV straalt. SWAP vertaalt deze stralen naar een zichtbaar beeld waardoor wij prachtige opnamen te zien krijgen van het plasma dat een temperatuur heeft van een miljoen graden. Elke minuut maakt het SWAP instrument een beeld van onze ster waardoor wetenschappers fenomenen op het oppervlak van de zon beter kunnen opvolgen. De technologie achter de kleine telescoop van het SWAP instrument steunt op kennis die werd opgebouwd aan de hand van de Extreme Ultraviolet Imaging Telescope (EIT) aan boord van de SOlar Heliospehric Observatory (SOHO). SWAP is echter veel compacter dan EIT, heeft een breder beeld van de zon, brengt ook de zonnerand in beeld en kan wegkijken van de zon indien dit nodig zou zijn. Hieronder vind je één van de laatste opnames van de zon gemaakt door SWAP.

Gepubliceerd in Algemeen

Frank De WinneDe Belgische ruimtevaarder Frank De Winne begint op 22 april samen met zijn twee reisgezellen Roman Romanenko en Robert Thirsk aan een reis doorheen Europa om de hoogtepunten uit hun lange ruimtemissie voor te stellen tijdens verschillende evenementen. Tijdens deze 'OasISS European Postflight Tour' zullen de drie ruimtevaarders vertellen over hun werk en leven aan boord van het internationaal ruimtestation ISS waarin ze in 2009 zes maanden verbleven. De OasISS European Postflight Tour start op 22 april in het European Astronaut Centre in Keulen (Duitsland) waarna de drie op 23 en 24 april te gast zijn in België. Zo zullen de ruimtevaarders op 23 april vertegenwoordigers van de European Research Council in Brussel ontmoeten en is het voorzien dat ze op 24 april te gast zijn op de WetenschapsEXPO in Tour & Taxis (Brussel). Hierna zullen De Winne, Romanenko en Thirsk op 26 april opnieuw naar Duitsland reizen waarna ze op 27 april te gast zijn op een culturele tentoonstelling over Europese radioamateurs ten dienste van de gemeenschap in het Europees Parlement in Brussel. Na hun tweede bezoek aan België reizen de ruimtevaarders nog naar München en Noordwijk.

Gepubliceerd in Frank De Winne
Pagina 1 van 4