Fotoreeks ruimtevlucht Dirk Frimout

Klik op 'Lees meer' voor alle foto's!
Belg maakt prachtige foto's van de Aarde vanop 33 kilometer hoogte
Iedereen heeft ongetwijfeld wel al prachtige foto's gezien van onze blauwe planeet die genomen werden vanuit een baan om de Aarde door dure satellieten die door middel van raketten in de ruimte gebracht werden. Om dergelijke prachtige beelden te maken heb je echter niet altijd raketten en satellieten nodig. De Belgische fotograaf Edouard Janssens startte in 2011 het project Stratos-Sphere met als doel mooie foto's te maken van onze planeet vanop een grote hoogte. Om dit te realiseren lanceerde Edouard Janssens in oktober 2011 tweemaal een meteorologische ballon gevuld met helium waaraan zich een capsule bevond met daarin twee camera's en navigatieapparatuur. Het resultaat van dit eenvoudig project bleek verbluffend mooi te zijn. De twee ballonnen haalden een maximale hoogte van 33 kilometer (lijnvliegtuigen halen een maximale hoogte van 11 kilometer) waardoor de camera's prachtige beelden maakten van onze planeet en zijn fagiele atmosfeer. Eenmaal de ballon na een vlucht van ongeveer 90 minuten zijn maximale hoogte had bereikt, spatte deze uit elkaar waarna de capsule met de camera's door middel van een parachute naar de Aarde terugkeerde met een snelheid van 5,6 meter per seconde. Op de website van Project Stratos-Sphere kan je allerlei filmpjes en foto's terugvinden van de twee missies alsook meer achtergrondinformatie. In tegenstelling tot de kostprijs van echte satellieten kostte de twee Project Stratos-Sphere missies ongeveer 2 500 euro. De mooiste foto's die tijdens de twee missies genomen werden, zijn tussen 14 en 18 december 2011 te bezichtigen in de fotostudio van Edouard Janssens in Lasne (Plancenoit). Meer info: http://www.stratos-sphere.com

Proba-2 filmt krachtige uitbarsting op de zon
Op 7 juni 2011 rond 08u41 Belgische tijd vond op het oppervlak van de zon een reusachtige uitbarsting plaats. Deze zogenaamde 'M2.5' zonnevlam veroorzaakte een krachtige 'coronal mass ejection' (CME) die energetische geladen deeltjes met hoge snelheid de ruimte inblies. De energie die op dat moment vrijkwam is te vergelijken met die energie die vrijkomt bij miljarden waterstofbommen. Een groot deel van de uitgestoten deeltjes viel terug op de zon en bestreek bijna de helft van het zonne-oppervlak. Het overige deel van de uitgestoten deeltjes, die een zogenaamde 'zonnestorm' veroorzaken, werden de ruimte ingeslingerd maar zorgden op Aarde of voor satellieten in de ruimte voor geen problemen. Deze enorme uitbarsting werd ondermeer door het Amerikaanse Solar Dynamics Observatory (SDO) prachtig in beeld gebracht maar ook door de in België gebouwde Proba-2 ESA-satelliet. Proba-2 is momenteel het kleinste zonne-observatorium in de ruimte en werd in november 2009 in een baan om de Aarde gebracht. De twee instrumenten die Proba-2 aan boord heeft om de zon te observeren (SWAP en LYRA) worden uitgebaat door de Koninklijke Sterrenwacht van België (KSB). Deze instrumenten werden ontwikkeld om foto's te nemen van de corona van de zon in het ultraviolette deel van het elektromagnetisch spectrum en om meer te leren over zonnefysica. De hoofdopdracht van Proba-2 is om nieuwe technologiën uit te testen in de ruimte. Het project maakt deel uit van ESA's Project for Onboard Autonomy programma.
Sterrenkundigen UGent kijken met Herschel naar Andromedastelsel
De Europese Herschel ruimtetelescoop heeft tussen 18 en 21 december 2010 de grootste en meest gedetailleerde kaart gemaakt van het Andromedastelsel. Het Andromedastelsel (ook gekend onder de naam M31) is een groot sterrenstelsel dat het dichts bij ons melkwegstelsel ligt. De unieke kaart van de Andromedanevel werd gemaakt met behulp van vijf verschillende infraroodfilters en bestrijkt een gebied dat meer dan vijftig keer zo groot is al een volle Maan. De kaart werd gemaakt in het kader van het Herschel Exploitation of Local Galaxy Andromeda (HELGA) project dat ondersteund wordt door een internationaal consortium onder leiding van sterrenkundigen van de Universiteit Gent (UGent). Voor het eerst werd het Andromedastelsel in het infrarood waargenomen tot voorbij de uiterste rand. Hierdoor kunnen sterrenkundigen de structuur van het stelsel in zijn totaliteit en tot in de grootste details bestuderen. Met zijn 3,5 meter grote hoofdspiegel is de Europese Herschel ruimtetelescoop de grootste en meest geavanceerde telescoop die ooit in de ruimte werd gebracht. Vanop een afstand van 1,5 miljoen kilometer van de Aarde detecteert Herschel straling in het verre infrarood. Hierdoor ziet Herschel de allerkoudste objecten uit het heelal. Zo is deze ruimtetelescoop een zeer handig instrument in de zoektocht naar ondermeer geboorteplaatsen van sterren. Klik op 'Lees meer' om de Herschel-kaart te zien van het Andromedastelsel.
Tweede ATV op weg naar ISS
Vanop de Europese lanceerbasis in Frans-Guyana is op woensdag 16 februari de tweede Europese Automated Transfer Vehicle (ATV) in de ruimte gebracht. De krachtige Ariane 5 ES draagraket vertrok om 22u50 Belgische tijd vanop het ELA 3 lanceercomplex met in zijn vrachtruim de meer dan 20 ton zware ATV vrachtmodule. De 730 ton zware raket vertrok 24 uur later dan gepland omwille van een technisch probleem. De onderste rakettrap werd negen minuten na de start van de lancering afgestoten van de tweede EPS rakettrap waarna de ATV met een snelheid van 7 kilometer per seconde steeds hoger gebracht werd. Iets meer dan 64 minuten na de start van de lancering werd de tweede ATV, die de bijnaam Johannes Kepler kreeg, uiteindelijk uitgezet in een lage baan om de Aarde op een hoogte van 268 kilometer. Om 00u29 liet ESA weten dat de vier zonnepanelen aan de ATV met succes werden opengevouwen. Dit was de zwaarste vracht dat ooit door een Europese Ariane raket in de ruimte gebracht werd. Voor het Europese commerciële lanceerbedrijf Arianespace was dit een heel bijzondere lancering aangezien dit de 200ste lancering was van een Ariane raket sinds deze draagraket in 1979 voor het eerst gelanceerd werd. Indien alles probleemloos verloopt, moet de tweede ATV zich op 24 februari automatisch vasthechten aan het Russisch gedeelte van het internationaal ruimtestation ISS.
MIK HOOG! Nee hoger… VEEL hoger!!!
De European Space Education Resource Office (ESERO), het Koninklijk Meteorologisch Instituut (KMI) en het St‐Pieterscollege van Jette organiseren samen een educatief wetenschappelijk project waarbij we de grenzen van de ruimte gaan verkennen. De ruimte lijkt heel ver weg, maar dat is ze niet. Het Internationaal Ruimtestation ISS draait rond de Aarde op een hoogte van 400km, en de ruimte begint officieel al op 100km hoogte. Met de bestaande technologie kan je de ruimte enkel bereiken met raketten, wat een dure en moeilijke klus is. Maar met een stratosfeerballon oftewel weerballon kan je wel zonder grote kosten tot 30km hoog geraken. Dat lijkt niet veel, maar je raakt dan toch al aan de grenzen van de ruimte. Kijk maar naar de foto (links) die genomen is op deze hoogte: de hemel is bijna zwart, de Aarde is helderblauw en als je goed naar de horizon kijkt, dan zie je dat die lichtjes gebogen is. Je begint de bolvorm van de Aarde al te zien!
BiS interview: Herman Henderickx (VRT journalist)
Ruimtevaart is en blijft enorm fascinerend. De laatste descennia is België een niet onbelangrijke rol gaan spelen in de Europese ruimtevaart en blijven de jaarlijkse omzetcijfers van de Belgische ruimtevaartindustrie stijgen. In Vlaanderen en Wallonië bestaat sedert vele jaren de mogelijkheid om een loopbaan uit te bouwen in de sterk groeiende ruimtevaartsector dat op zijn beurt jongeren stimuleert om te kiezen voor een technologische of wetenschappelijke studierichting. Belgium in Space sprak met verschillende mensen die zowel tewerkzaam zijn in de Belgische ruimtevaartindustrie alsook bij verschillende instituten of organisaties en stelde hen tal van vragen in verband met hun functie, hun passie voor ruimtevaart en hun studies. Voor dit interview nam Belgium in Space contact op met Herman Henderickx. Herman Henderickx is wetenschapsjournalist voor de VRT en is vooral bekend om zijn vele bijdragen in verband met ruimtevaart. Tijdens de langdurige ruimtevlucht van Frank De Winne in 2009 kreeg Herman Henderickx als journalist de kans om deze missie van nabij mee te maken.
Europa lanceert bijzondere communicatiesatelliet
Op 26 november werd vanop de Europese lanceerbasis in Frans-Guyana een Ariane 5 draagraket gelanceerd met aan boord ondermeer de Europese Hylas-1 communicatiesatelliet. Wat deze Highly Adaptable Satellite (HYLAS) communicatiesatelliet zo bijzonder maakt is dat deze honderdduizenden mensen, die in afgelegen gebieden wonen in Europa, de volgende vijftien jaar zal voorzien van breedband internet. Daarnaast is dit ESA's eerste volledige satelliet die ontwikkeld werd door publiek-private samenwerking. De commerciële operator, het Britse Avanti Communications, heeft de grootste financiële bijdrage geleverd voor dit project terwijl de European Space Agency (ESA) samen met het ruimtevaartbedrijf EADS Astrium verantwoordelijk was voor de techniek en instrumenten aan boord van de 2,5 ton zware satelliet. Eenmaal Hylas-1 zich in een geostationaire baan om de Aarde bevindt op een hoogte van bijna 36 000 kilometer zal deze gebruikt worden voor het verzenden van zowel standaard alsook high definition televisiekanalen (HDTV) en braadband internet. Vanuit een geostationaire baan draait Hylas-1 even snel als de Aarde en aangezien de kunstmaan boven Europa 'hangt', zorgt deze voor een permanente dekking.
Onderzoekers K.U.Leuven doen spectaculaire ontdekking
Een team onderzoekers van het Instituut voor Sterrenkunde van de K.U.Leuven hebben met behulp van ESA's Herschel ruimtetelescoop waterdamp en koolstof ontdekt in een oude ster. Deze spectaculaire ontdekking verscheen op donderdag 2 september in het wetenschappelijk tijdschrift Nature. De wetenschappers hebben tot ieders verbazing in de atmosfeer van de ster CW Leonis grote hoeveelheden waterdamp ontdekt. De koolstofster CW Leonis bevindt zich op een afstand van 500 lichtjaren van de Aarde in het sterrenbeeld Leeuw en is een zogenaamde 'rode reus' (oude ster). Normaal wordt koolstof en waterdamp in grote hoeveelheden gevormd bij sterren als onze zon die hun atmosfeer afstoten eenmaal ze aan het einde van hun leven komen. Wetenschappers gingen er altijd vanuit dat de vorming van waterdamp in een ster als CW Leonis niet mogelijk was aangezien men in het verleden enkel watermoleculen of koolstofmoleculen had ontdekt bij rode reuzen. Rondom de ster bevinden zich grote hoeveelheden stofdeeltjes die bijna al het zichtbare licht absorberen. Toch zijn bepaalde gebieden rondom de ster bijna 'leeg' waardoor ultraviolet licht tot in de diepste lagen van de atmosfeer van de ster kan doordringen. Dit ultraviolet licht kan in de steratmosfeer chemische reacties in werking zetten waardoor er water kan geproduceert worden.
Belgische professor ontdekt grootste moleculen ooit in heelal
De 38-jarige Belgische professor Jan Cami heeft met een team van internationale wetenschappers de grootste moleculen ooit ontdekt in het heelal. De belangrijke ontdekking kwam tot stand met behulp van NASA's Spitzer ruimtetelescoop en verscheen in het wetenschappelijke tijdschrift Science. In de planetaire nevel Tc 1 ontdekten de onderzoekers moleculen die bestaan uit zestig koolstofatomen die geranschikt zijn in een driedimensionale bol. Dergelijke moleculen worden ook wel 'buckyballs' genoemd. Het bestaan van buckyballs werd 25 jaar geleden per toeval voor het eerst aangetoond in een laboratorium op Aarde. Sterrenkundigen geloofden er sindsdien in dat men deze moleculen ooit zou tegenkomen in het heelal. Het team, onder leiding van Cami, nam ook een rugbybal-achtige variant van de buckyballs waar in de planetaire nevel die bestaan uit zeventig koolstofatomen. De ontdekking van grote moleculen in het heelal leert ons meer over hoe het leven gevormd wordt. Op Aarde worden dergelijke grote moleculen gebruikt voor de ontwikkeling van ondermeer smeerstoffen in fijne mechaniek. Jan Cami, geboren in Aalst, is verbonden aan de Universiteit van London in Otario (Canada) en werkt daarnaast ook aan het SETI-instituut van het Amerikaanse ruimtevaartagentschap NASA.